Hoewel ik als trainingsacteur doorgaans als uiterst laagdrempelig word ervaren, kreeg ik het afgelopen jaar meerdere keren te maken met cursisten die weigerden met een acteur te werken: “te kwetsbaar”.
In alle gevallen bleek de bron een onveilige werkomgeving*.
Heb jij dit ook wel eens meegemaakt?
Wat doe je dan?
Dwang is geen basis om te leren, terwijl er wél degelijk verwachtingen liggen.
Hoe kijk jij hiernaar?
Daarom breidde ik mijn repertoire uit met werkvormen die als minder kwetsbaar worden ervaren dan frontaal voor de groep werken.
In deze LittleLearning deel ik de gevonden alternatieven.
Uiteraard was er overleg met de trainer en zochten we samen naar de invulling van de dag. Ook werd er met de groep over de situatie en de onwil gesproken. Ten behoeve van de leesbaarheid laat ik dat achterwege en beperk ik me hier tot de werkvormen. Verwacht overigens geen magische oplossingen. Het bleef trekken, in meer of mindere mate. Echt levenslustig werd dat dooie paard nooit.
In kleine groepjes wordt het gesprek/de casus voorbereid. Wat gaat besproken worden en hoe, wat zijn aandachtspunten. Op een flap-over schrijft de groep zinnen, bruikbare tekstdelen e.d.
1. Werken in subgroepen
De mate van veiligheid bepaalt het vervolg. Gaat iemand uit de groep het gesprek met de acteur aan? Wordt er gekozen voor Back-ups?
2. Back-up(s)
De cursist die met de acteur werkt heeft achter zich een back-up zitten die uit een of meer collega’s bestaat. De cursist kan het gesprek elk moment pauzeren en de back-up om advies vragen. Soms is roulatie toepasbaar.
3. Wat zou je kunnen doen?
We bespreken de casus en wat je (anders) zou kunnen doen. Ik speel er korte stukjes uit en vraag om feedback. Ook vraag ik suggesties. Ik speel ze uit waarna de groep opnieuw feedback geeft. En zo werken we de casus door.
Als acteur stuur ik het gesprek met mijn spelvoorbeelden, die uiteraard (ook expres) wel/niet/deels aansluiten bij hun voorstellen. Soms speel ik afwisselend 2 rollen. Dat is best lastig, maar het dient het hogere doel: leren. Voor het rendement is specifiek doorvragen essentieel waarbij natuurlijk meerdere facetten en lagen van communicatie aan bod komen.
4. In de groep
De casus wordt gespeeld, maar de cursist die met de acteur werkt blijft tussen de cursisten zitten.
Voor mij is dat lastiger werken omdat de ander zich buiten de voelbare energiesfeer bevindt, maar deze vorm helpt veel cursisten over de drempel.
5. Verander het kader
Omdat cursisten vaak het idee hebben dat ze het ‘goed moeten doen’, verschuif ik het kader naar: we gaan interventies onderzoeken en testen. De focus verlegt zich hierdoor van de persoon naar het gedrag. Start met een minder geschikte/ “foute” interventie. Analyseer en bespreek de interactie plenair. Probeer daarna een andere interventie. Dit kun je meermaals herhalen.
6. Micro-oefeningen
Acteur en cursist oefenen alleen een klein stukje van de interactie, bijvoorbeeld de opening van een gesprek, het moment van grenzen stellen, de reactie op een emotie. Hier is de essentie: kort en krachtig.
7. STOP
Nodig: een tweede persoon, liefst de trainer. Speel samen een korte scene. Variatie op regietheater. Roep STOP als het niet goed verloopt of beter kan. Diegene beschrijft wat er niet goed gaat en hoe het beter kan. Doorvragen is hier cruciaal. Juist in die precieze verwoording ontstaat bewustwording. Eventueel kunnen collega’s bijspringen, maar niet te snel. Uiteraard is er aandacht voor de vele facetten in de communicatie.
8. FREEZE met roulatie
Variatie op 7. Acteur en cursist spelen samen een korte scene. Iemand uit de groep roept FREEZE en neemt het gesprek over. Deze vorm werkt alleen als al meerdere drempels geslecht zijn.
9. Individueel
Het is één keer voorgekomen dat ik in een andere ruimte een casus oefende met 1 cursist. Daarna werden uitkomst en leerpunten bij terugkomst plenair besproken. In die situatie was het de meest passende (en haalbare) oplossing.
10. Van omgeving veranderen
In deze situatie trokken we het bos in. Hier combineerden we een wandeling met korte oefeningen/casussen (bijv aanspreken, feedback geven, echt contact maken)
Door de kleine groep en de rustige omgeving was dit mogelijk. Je moet het geluk maar hebben.
11. Afwenden
Acteur speelt de casus met de cursist terwijl de anderen zich afwenden maar geconcentreerd luisteren. Ik heb deze vorm bedacht, maar nog niet uitgeprobeerd. Ik twijfel of het werkt; visuele informatie is vaak onmisbaar. Wellicht als je de casus naar een belsituatie omturnt is dit mogelijk.
Sommige werkvormen nodigen uit tot hilariteit. Ik laat dat bewust gebeuren. Lachen voert spanning af en brengt luchtigheid in een atmosfeer die vaak bol staat van onwil en verzet. Ik zorg wel dat hilariteit niet de boventoon blijft voeren door duidelijke kaders te scheppen voor concentratie. De kunst – en tegelijk het leuke hierin – is het bewaken van de balans tussen plezier, hilariteit en concentratie.
Heb jij nog andere werkvormen? Deel ze gerust en mail ze naar info@quispa.nl
Dan bundel ik alle ideeën tot een uitgebreider document voor de zomer.
Wil je dat document ook ontvangen?
Mail dan naar info@quispa.nl ovv Alternatieve werkvormen. Dan stuur ik je de uitwerking voor de zomer voor niks & noppes toe.
* De genoemde onveiligheid varieerde van een afrekencultuur, een dwangmatig controlerende leidinggevende, samenspannende werknemers met veel geroddel en een collega met een grote bek waar iedereen bang voor was. Daarbij speelde er overal in meer of mindere mate faalangst, niet zichtbaar durven zijn en perfectionisme.
